De geschiedenis van de Audi Quattro in de rallysport
Eind zeventiger jaren, toen de rallysport nog gedomineerd werd door achterwiel aangedreven auto's als de Lancia Stratos,
Opel Ascona, Fiat en de Renault Alpine, bedachten Ferndinand Piech en Jörg Bensinger hoe men het overbrengen van de toen
al enorme vermogens op asfalt en gravel verbeteren kon. Het idee van vierwielaandrijving was niet nieuw, echter aan de
serieproductie van zulk aangedreven straatauto's waagde zich schijnbaar niemand. En daardoor kwam het dat een VW Iltis,
een kleine vierwiel aangedreven terreinauto, de voorganger van een vandaag niet meer weg te denken aandrijfvorm werd.
Revolutie
Tussen maart 1977 en maart 1980 ontwikkelde Audi één van de revolutionairste voertuigen van de eeuw. De eerste test met
het Iltis onderstel en een Audi 200 turbomotor in een Audi 80 waren zo succesvol, dat het bestuur van Audi zeer snel het
groene licht voor de "urquattro" gaf. Een zo korte ontwikkelingstijd was alleen mogelijk doordat de ingenieurs veel delen
van de Audi 80, 100 en 200 gebruiken konden.
Autoshow van Geneve
Na de introductie van de urquattro tijdens de autoshow van Geneve in het voorjaar van 1980 kwam het eerste publieke optreden van
een rally quattro eind oktober van dat jaar, waarbij de wagen met Hannu Mikkola en Arne Hertz als 0- auto (rijdt buiten mededinging
als eerste snelle auto voor de echte deelnemers) bij een wedstrijd voor het
Europese en Portugese kampioenschap ingezet werd. Met 24 maal een snelste tijd van de dertig klassementsproeven en meer dan twintig
minuten voorsprong op de uiteindelijke winnaar kon men de test als geslaagd beschouwen. Op 1 Januari 1981 werd de Audi quattro door
de FIA in groep 4 onder nummer 673 gehomologeerd. Acht dagen later vierde Franz Wittmann het officiële debuut met een fabrieks quattro
IN-NV-90 bij de internationale Jänner rallye en zorgde gelijk voor een enorm succes. Hij won alle 31 klassementsproeven met een voorsprong
van meer dan 20 minuten op de tweede plaats. Indrukwekkender had de wereldpremière van de Audi quattro nauwelijks kunnen zijn.
Zo verheugde zich teamchef Walter Treser dat men zich geen rally debuut van een auto herinneren kon waarbij alle klassementsproeven
gewonnen werden en zo'n voorsprong aan de finish.
Revolutie in de rallysport
De revolutie De Audi quattro was al bij de première een sensatie. Ongeveer 30 Audi Sport serviceauto's waren bij de première onderweg,
enkele hiervan waren straat quattro's als snelle volgwagens. Michele Mouton viel tijdens de aanrij route naar de Monte start met een
verstopte tank uit, echter daarvoor domineerde Hannu Mikola in de sneeuw de eerste 6 proeven en leidde, na de eerste hergroepering,
de geschrokken concurrentie met meer dan 6 minuten. De vierwiel aangedreven revolutie was begonnen en, ondanks alle tegenslagen
(Mikkola's ongeluk tijdens de Monte Carlo, de diskwalificatie van alle drie quattro's in Griekenland en diverse kinderziektes),
niet meer te stoppen.
Wisseling van de wacht
Na de Acropolis Rally van 1981 werd Reinhard Rohde aangesteld als leider van Audi Sport in plaats van Walter Treser.
Er waren fouten gemaakt die negatief voor Audi in het openbaar uitpakte en Treser werd als zondebok aangemerkt (foto: Piëch en Treser (r)
in betere tijden. Ook vanaf het begin erbij was Roland Gumpert. Hij studeerde autotechniek en machinebouw in Graz/Oostenrijk voordat hij in
1969 naar Audi kwam. Werkte eerst in de ontwikkelingsafdeling, leverde een eersteklas arbeid en was betrokken bij de ontwikkeling van de Audi
80, Audi 50 en de VW Iltis. Later werd hij de leider van de testafdeling voor onderstellen en systemen en onderwierp de nieuwe Audi modellen
de hitte- en vermoeiingstesten in de Sahara. Gumpert was in 1979 de teamchef van het Parijs-Dakar project met de VW Iltis, die met plaats
1, 2 en 4 succesvol afgesloten werd. Hijzelf werd met een reserve auto negende. In de herfst van 1981 was Roland Gumpers reeds de gelijke
van Rohde en verantwoordelijk voor de techniek van de ingezette quattro's. Hij viel op doordat hij steeds vooraan te vinden was als een
quattro de service bereikte. Gumpert voelde zich niet te beroerd om zelf mee te werken en als men hem aantrof dan had hij ook meestal
de handen vol met olie.
Hetzelfde beeld
De 1000 meren rally van Finland en het gebruikelijke beeld, een quattro aan de leiding. Niemand was in staat om
Mikkola te kloppen, maar het zou anders aflopen, er moest nog leergeld betaald worden. Het grote woord die dagen was klepstoters.
Halverwege het evenement hoorde Mikkola een geluid dat hij reeds van de testritten kende. In die korte tijd had men nog geen oplossing
gevonden maar men was tenminste voorbereid. Op een schone tafel lagen in volgorde de glimmende instrumenten en cilinderkop delen klaar
en toen de motorkap van de quattro geopend werd doken vier man, die wisten wat ze deden, in de motorruimte. Mikkola met al zijn ervaring:
"de monteurs hebben twintig minuten gezegd, dan zullen het er wel veertig worden". Dit had niets met Audi te maken, dat is in elk team van
de wereld gelijk. Toen de veertigste minuut naderde en de sleutel nog steeds niet omgedraaid werd zei navigator Arne Herz heel rustig
tegen de monteurs: "Sorry, maar als we in drie minuten niet rijden dan worden we gediskwalificeerd." De rustigheid die de Scandinavische
rijders in de teams brengen is iets aparts. Na 42 minuten en alstublieft-dank u wel was Mikkola weer erbij, op de zesde plaats.
Bij de aankomst, na een aantal opzienbarende ritten was hij derde en iedereen bij Audi had het gevoel: nu lossen we het probleem met de
klepstoters op en dan veroveren wij de wereld.
Damesteam
Overeenkomstig brengt iedere rally nieuwe ontwikkelingen met zich mee en de meest in het
oog vallende verandering aan de quattro in San Remo was de oliekoeler in de machtige achterspoiler die de auto nog indrukwekkender uit
liet zien. Naast de quattro revolutie was de eerste overwinning van een damesteam in een WK rally een verder hoogtepunt van het seizoen.
Michele Mouton en Fabrizia Pons domineerden in San Remo met een opzienbarende rit door de Toscane en haalden tegelijk voor Audi de
eerste grote overwinning in het merkenkampioenschap. Mouton's agressiviteit aan het stuur, haar rijders kwaliteiten en haar openheid
maakten haar in een door mannen gedomineerde wereld snel tot een idool en publiekslieveling. Michele Mouton's intrede in deze mannenwereld
werd met veel spot ontvangen. Haar manier om de brutale quattro te temmen liet echter iedereeen verstommen. Michele Mouton, haar Italiaanse
navigator Fabrizia Pons en de Audi quattro bleven onbedreigd en zorgden voor een uitbreiding van de geschiedenis van deze sport: eerste
overwinning van een vrouw in een WK wedstrijd, eerste overwinning van Audi in het merken kampioenschap. Wie een beetje grootmoed verdraagt
kon ook zeggen: grandioze uitvoering van een groot idee.
Nieuwe tecnologie
Audi benutte de toenemende populariteit van de rallysport om een nieuw model
- meer een missie- onder het publiek te brengen. De urquattro was met de nieuwste technologie uitgerust. De vierwiel aandrijving en de
turbo motor waren de eigenschappen die het relatief hoge gewicht en de afmetingen ruim compenseerden. Vroeger of later zouden de concurrenten
dit voorbeeld moeten volgen. Het vervolg Audi keerde met Mouton en Mikkola terug, enkele gastoptredens van Stig Blomqvist, Franz Wittmann en
Michele Cinotto versterkten het team. Nadat de quattro's nu ook de noodzakelijke betrouwbaarheid meebrachten, kon niemand meer het winnen van
het merken kampioenschap verhinderen. Zes van de tien mogelijke overwinningen gingen naar Audi.
Met de complimenten van...
Walter Röhrl, die toen nog voor Opel reed, was in die tijd echter al de beste pr-agent van Audi. Als mens, die overal over nadacht en zich ook
met de theorie van de sport bezig hield, was
het vierwiel voordeel zo duidelijk, dat hij er vaak over sprak, ook openlijk. Hij had altijd al het talent om zich in beeldspraak te uiten en
toen een journalist hem het verschil tussen de quattro de andere wagens vroeg zei hij: "in een quattro kan nog een gedresseerde aap rijden".
Deze uitspraak werd verdraaid alsof er in de quattro's alleen maar gedresseerde apen reden. Omdat in die tijd Michele Mouton de meeste succesvolle
van allen was geloofden vele dat Walter over apen praatte en dacht aan vrouwen, en in een handomdraai stond Röhrl bekend als een chauvinist en een
vrouwenhater. Voor de duidelijkheid hier het hele verhaal van Walter Röhrl: Voor de Acropolis rally wilde Werner Grissman, een skier, eens meerijden.
Daarom zijn wij beiden van het hotel naar Ailiki Beach gereden, waar een proef bergop was, vele hairpins en gladde wegen. Wij zijn als idioten naar
boven gereden en boven zij Werner: "Walter, hoe kan ik hier sneller rijden dan jij?" Ik antwoordde: "Neem een audi, zet hier een gedresseerde aap
in en die rijdt hier de wereld sneller dan ik". "Het probleem was dat ik niet wilde accepteerden dat je in de motorsport afhankelijk bent van je gereedschap".
Walter Röhrl met de Opel Ascona 400 haalde bij de Monte Carlo op bijna geheel droge wegen de eindoverwinning, terwijl Mouton's audi in het dorp Brianconnet tegen
een muur reed. De Française revancheerde zich met een overwinning in Portugal (Franz Wittmann werd derde), Griekenland en Brazilië. Het lukte haar echter niet
om in de rijders klassement een gat te slaan. Röhrl reed regelmatig op de tweede en derde plek en bleef Mouton op de hielen volgen. Hierdoor kwam het in de
Ivoorkust tot het beslissende duel.
Spannende ontknoping
Op de avond voor de start hoorde Michele dat haar vader gestorven was, die haar tijdens haar carrière zeer gesteund had.
Zij hield dit tragische bericht voor zich en besloot in alle stilte om, indien deze gehaald werd, de wereldtitel aan haar vader op te dragen. Zij nam bij de
rally gelijk de leiding. Nu vielen vele dingen samen: Als eerste de zwaarte van deze rally met gemiddelde snelheden van boven de 100 km/u op slechte wegen
wat betekende dat op de wat betere delen continue in de buurt van 200 gereden werd, overgeleverd aan de Afrikaanse verrassingen. Na een onnodige versnellingsbak
wissel, op verzoek van Michele, werd een fout bij na samenbouwen ontdekt die ervoor zorgde dat de koppeling niet werkte. Bij de volgende service had men weer
een voorsprong, maar Michele was niet bereid zonder koppeling weg te rijden (normaal geen probleem voor een geoefende rijder). Dus weer uitbouwen en inbouwen.
Op het einde van de derde hoofdetappe was Moutons voorsprong op Röhrl, die eerst anderhalf uur bedroeg, gesmolten tot 18 minuten. Nog steeds geen probleem,
wat zou dan op deze 645 km tot Abidjan nog gebeuren? Vergeleken met de voorafgaande 3.400 km was dit nog maar een formaliteit. De volgende morgen wilde de
Quattro niet meer starten. Door de tropenvochtigheid was de inspuiting gecorrodeerd, die moest vervangen worden. Nog steeds geen probleem wat de zege betreft,
maar Michele had nu het gevoel dat zij als de duivel moest rijden en rolde de auto in een onbeduidende bocht. Zelfs dit was nog op te lossen want de motor liep
weer, alleen had Fabrizia tijdens de rol haar pacenotes verloren. Naderhand gezien had Michele slechts in een slakkentempo naar Abidjan hoeven te rijden omdat
ook een tweede plaats genoeg was voor de wereldtitel en zij had immers nog steeds een voorsprong van anderhalf uur op de derde. Maar het was natuurlijk niet het
moment om rustig na te denken, alles speelde zich in de oververhitte, koortsige atmosfeer af, Michele scheurde verder, zonder pacenotes en vloog nogmaals van de
weg, deze keer serieus. Een heel zwaar seizoen En nog steeds hadden zij een kans, Gumpert en Mikkola waren in de buurt, snel daarna meerdere monteurs, men wisselde
de subframes, draagarmen, veerpoten en nog steeds was een tweede plaats mogelijk als Michele binnen de toegestane tijd de volgende tijdcontrole zou halen.
Vijf minuten
Vijf minuten voor de berekende tijd was de auto klaar, de vrouwen stapten in en vertrokken, de monteurs opgetogen. Na een minuut meld Michele via de radio: Auto staat stil".
De mannen racen erheen. Een veerpoot blokkeerde, een verbogen schokbreker was de oorzaak. De schade was niet eerder gezien. Het wisselen van de veerpoot zou 10 minuten duren,
precies 5 minuten te lang voor de tijdcontrole, voor de tweede plek in de einduitslag van de Ivoorkust en voor de 1982 rijders wereldtitel.
400 pk sterkere versie van de quattro
1983 startte Audi als regerende merken wereldkampioen en als titelverdediger. Ondertussen was de overwinning van het quattro-idee tentoongesteld.
In de ontwikkelingsafdelingen van bijna alle autofabrikanten werd aan vierwiel aangedreven auto's gewerkt, en de internationale rallysport stond onder druk,
om op Audi te reageren en zich iets invallen te laten. De Italianen heersten met de Lancia 037 rally, en perfecte tussenoplossing met kompresser middenmotor
en achterwiel aandrijving, zowel de Monte Carlo met Röhrl als ook Korsika met Alen.
De Audi techneuten werkten keihard om op de nieuwe concurrenten te reageren en homologeerden een lichtere en met 400 pk ook sterkere versie van de quattro.
Het nieuwste wapen beschikte over vele innovaties, leed echter onder de korte ontwikkeling- en testtijden. Dit leidde tot het kompleet uitvallen in Griekenland
(oliekoeler slang door een gebroken achterklep scharnier doorgeschuurd) en Nieuw Zeeland. Audi zegevierde in Argentinië en Finland, echter bij de San Remo rally
"normaal een favoriet terrein van de Audis- stokte de plannen, en Lancia schonk het thuispubliek een zege.
Water in de tank
Bij de RAC rally van Groot-Brittannië had Michele Mouton weer water in de benzine, en dat werkte iedereen op de zenuwen. Dat fenomeen is echter niet zo zeldzaam
omdat grote rallies de tankstations van een gehele regio leegtrekken en daarmee vaak ook de overlooptank die eigenlijk niet opgepompt mag worden, juist omdat het
de opvang van troep en water is. Audi en Michele hadden gelijke slechte ervaringen met de Monte Carlo 1981, waarna strenge maatregelen getroffen werden,
bijvoorbeeld: rallyauto's mogen alleen met een leerfilter getankt worden (het fijnmazige materiaal laat alleen de benzine maar geen water door). Nadeel het duurt
eeuwig. Hierna had men een fijnmazig gaas in de trechter, maar dit is alleen zinvol als voortdurend iemand kijkt of zich dikke waterdruppels vormen.
De routine vervangt naar verloop van de tijd de goede gebruiken, en dus weer water in de tank. Dit zorgt natuurlijk voor gigantische problemen. In de tank wordt
een gat gemaakt, dan loopt 80 liter benzine in de kofferruimte, dan wordt een gat in de kofferruimte gemaakt en loopt 80 liter in laten we het maar zeggen de
afwatering. Achter blijft een verschrikkelijke stank in de auto en voor de vrouwen het gevoel in een rijdende bom te zitten, men kon zeggen dat de zenuwen de
overhand kregen, wat niemand hun kwalijk nam. Ondanks dat reed Michele ongelooflijk sterk, lag op een gegeven moment op de tweede plek, maar het werd haar allemaal
te veel en zij vloog drie maal achterelkaar van de weg, bij de laatste maal deed zij zelfs geen poging meer om terug te komen.
Op drie wielen
Daarnaast reed Hannu Mikkola tegen een boomstronk, verloor daarbij de wielophanging en reed op driewielen tot aan de stopfinish, waarbij de navigator Arne Herz
probeerde door het ontlasten van de wielloze kant gedurende de rest van de proef op de achterkant van de wagen plaats te nemen. Quattro navigators doen dit af en
toe, en de toeschouwers zijn dan steeds zeer gelukkig. Hannu Mikkola was de eerste rijder, die de nieuwe quattro testte en zijn potentieel erkende.
1983 oogstte hij daarvoor zijn loon. Hij werd eindelijk rijders wereldkampioen en won voor de zevende maal de 1000 meren rally. De titel was een kleine troost voor
het Audi team, dat een slachtoffer geworden was van de logge organisatie en het blinde vertrouwen in de techniek. De mythe van "deutsche gründlichkeit, discipline en
organisatie had een deuk opgelopen.
Op naar de dubbele wereldtitel met nieuwe hoofdsponsor
Het leek dat de wissel naar een nieuwe hoofdsponsor, naar de geel-witte kleuren van de HB sigarettenfirma naast
de bekende Audi kleuren, een nieuwe geluksreeks opende.
Want de eerste drie evenementen van 1984 domineerde de sterke Audi quattro A2 indrukwekkend. In de Monte Carlo
overtuigde Walter Röhrl tijdens zijn allereerste Audi quattro inzet met een droomachtige zege. Stig Blomqvist en
Hannu Mikkola werden twee en drie. Toen Stig Blomqvist en Walter Röhrl, nu voor het eerst in het zelfde team en met
gelijke autos, elkaar troffen zag de wereld er zeer "blomqvistig" uit. Sneeuw, sneeuw en nogmaals sneeuw en een
serieuze storm die alles door elkaar blies. Het was zoals in het midden van de zestiger jaren toen de winter nog
een winter was en het sneeuwwallen gaf die zo hoog als een Mini Cooper. De tweewiel aangedreven autos hadden grote
problemen. Toen Stig Blomqvist met startnummer 7 op de Chartreuse stormde, haalde hij een Lancia in, wurmde zich
daarna aan een Porsche voorbij en had dan gelijk daarna een Nissan voor zich, "shitverkeer" zei Stig aan de aankomst,
"wat is hier aan de hand?". Röhrl, met startnummer een, had andere problemen: toeschouwers, die met hun picknickmanden
nog midden op de weg liepen en dan het turbogeluid, gedempt door de sneeuw, pas op het laatste moment hoorden.
En dan was er natuurlijk de sneeuwploeg, de 0 auto. Wat daarna gebeurde is toen door de pers in superlatieven uitgelegd,
variërend van "legende" tot "bovenmenselijk". Op de terugrit naar Monte Carlo feliciteerde Christian Geistdörfer zijn
chef met de grootste overwinning van zijn leven. Wat was gebeurt? Röhrl had Blomqvist zesmaal achterelkaar verslagen.
Hij moest daarbij dingen gedaan hebben die met autorijden niets meer te maken hebben. Hoe erger het ijs, hoe groter
zijn voorsprong op Stig, steeds slechts enkele seconden maar men kan bedenken wat er gebeurt als Stig Blomqvist,
koning van sneeuw en ijs, remmende met zijn linkervoet sinds de kleuterschool, vol gas geeft.
Sport Quattro
Tijdens de Corsica rally werd voor het eerst de korte Sport quattro ingezet. Nauwelijks stond hij op zijn dikke Michelins,
en het gezicht van Walter Röhrl betrok: "er is wat aan de hand". De testritten, bleek later, waren te kort (of te koud)
geweest, om een simpele fout te vinden: de thermostaat klemde in zijn huis en opende zich niet. En toen Walter zei, er
is wat aan de hand, klopten zij hem op de schouder en zeiden: je kunt het, je bent een goede rijder.
Wat dan ook, de eerste inzet van de 450 pk Audi motor speelde zich zo af: gigantische temperaturen al na 5 km van de
eerste proef, water tegen de aanslag (118 graden, daarna word afgeblazen) en olie op 160 graden. Bij de finish van de
proef hadden Walter en Christian een arts nodig, zij hadden heette oliedampen ingeademd en voelden zich vergiftigd.
Vier liter water werd aangevuld, toen was alles al duidelijk. Men zocht overal, bouwde de thermostaat uit, en vonden
de fout, maar toen was de motor al beschadigd. Walter bleef rustig, reed zoals het ging, achtste, negende, tiende plekken,
zelfs een zesde plek en hij was snel uit de auto toen hij uiteindelijk in de brand vloog.
Christian hoefde niet lang naar de blusser te zoeken, het was immers geen verrassing. Olie, nu borrelend als in de
Perzische golf was in de fik gevlogen en het rijkelijk voorhanden kunststof vatte ook vlam, de achterop komende
auto's in dikke wolken damp en rook zettend.
Eindelijk weer een dubbel
Bij de Akropolis rally gaf het opnieuw een mooie dubbel overwinning met Stig Blomqvist en Mikkola, beide reden met
de oude lange quattro's. Bij de Safari rally werd Hannu Mikkola derde, en de oostenrijker Franz Wittmann beëindigde
deze marathon op een uitstekende achtste plaats. Audi haalde de merken wereldtitel terug naar Ingolstadt en vierde gelijk
de dubbel. Hoewel 1984 reeds in het teken van de korte stond, was het toch de urquattro die de punten voor de wereldtitel
haalde. Stig Blomqvist werd met de meeste overwinningen per rijder in een seizoen wereldkampioen (Zweden, Griekenland,
Nieuw Zeeland, Argentinië en de Ivoorkust).
Wereldkampioen
De wereld was van Stig, maar een nieuwe bedreiging door de Peugeot 205 T16 tekende zich af. Stig Blomqvist verdiende
zijn wereldtitel in dit seizoen gedeeltelijk door zijn voorkeur om verder met de lange quattro te rijden in plaats van
de korte, theoretisch een beter model. De werkelijkheid was anders, de nieuwe
Audi Sport quattro kon niet de resultaten van de oude wagens halen, omdat Audi's "voorsprong door techniek" tegenover
de nieuwe "racewagens" van Peugeot en Lancia afgebrokkeld was. De sport quattro werd een flop. Modificaties en veel geld
konden hem niet concurrerend maken. Slechts een enkele rally WK overwinning tijdens de Ivoorkust werd gevierd.
Het jaar van de legendes
Tegen de grenzen van de mogelijkheden 1985 was het jaar in welke de motorvermogens toenamen. Bij het debuut beschikte
de Peugeot over ca 330 pk, 12 maanden later beschikte de 205 Turbo 16 Evolution 2 reeds over 400 pk.
De lancia Delta S4 beschikte over 450 pk en de quattro S1 reeds meer dan 500 pk. Dit kon niet lang goed gaan.
Vergeleken met de middenmotor auto's zag de Audi Sport Quattro S1 er uit als een onhandige machine maar hij was
wel de sterkste van de groep B boliden. De S1 was een monster. Een journalist schreef dat hij zo lelijk was dat hij
er weer mooi uitzag. Voor de rijders maakte het niets uit, de verbeteringen waren zo dramatisch dat het uiterlijk
geen thema was. Bij deze auto kon men zien dat men de grenzen van de techniek bereikte. En hoe, stel je voor: 3,1
seconden van nul naar honderd is praktisch een formule 1 waarde. Verdere ontwikkelingen in de vierwiel techniek
en de versnellingsbak stonden de rijders, ondanks de ongunstige gewichtsverhouding, toe het potentiaal van de auto
volledig te gebruiken. Audi was in die tijd de enigste fabrikant in het WK rally die zijn van de serie auto's afkomstig
concept van de motor voor in de auto trouw bleef. Alle andere hadden hun wagenpark reeds op middenmotor omgebouwd.
Spektaculaire overwinning in de Toscane
Er is nauwelijks iets mooiers dan de San Remo rally in de Toscane tijdens een zonnige herfstdag. Water Röhrl en
Christian Geistdörfer volbrachten het kunststuk om in zo'n paradijselijke omgeving eindelijk de verdiende zege met
de Audi Sport quattro S1 te halen. Toen echter de langjarige teamchef en chef ingenieur Roland Gumpert einde 1985
het team verliet, waren de succesjaren van Audi zo goed als voorbij.
Het einde
Het gehele seizoen werd gedomineerd door allerhande crisis, die jammer genoeg het sportieve element overschaduwde.
In Portugal vloog de lokale held Joaquin Santos met zijn RS200 uit de bocht. Bij dit ongeluk kwamen drie personen om,
dertig personen waren gewond. Uit protest tegen de falende veiligheid maatregelen staakten de fabrieksrijders en weigerden
verder te rijden. Op Corsica lagen Henri Toivonen en bijrijder Sergio Cresto comfortabel aan de leiding toen hun Delta S4
van de weg raakte en als een bom explodeerde. Beide rijders kwamen in de vlammen om. FISA president Jean-Marie Balestre
besloot om de groep B auto's aan het einde van het seizoen te verbieden. Onder indruk van deze gebeurtenissen besloot Audi
in mei 1986 de terugtrede uit de rallysport: De Ingolstadters verklaarden met deze stap een duidelijk teken te willen zetten
zodat de veiligheid langs de rally verbetert zou worden. Deze uitspraak was een beetje schijnheilig: Audi had op dat moment
de aansluiting met de concurrenten allang verloren. Het geheime quattro middenmotor prototype Parallel met de verbeteringen
van de S1 had Audi overigens de ontwikkeling van een geheel nieuw auto, met variabele vierwiel aandrijving en middenmotor gestart.
Omdat deze layout geheel in tegenspraak met de filosofie van de serieauto's stond werd het project als streng geheim behandeld.
Spy shots
Het kwam toch tot een onvrijwillige "wereld primeur" toen de in maart 1985 het team bij geheime testen in Admont Oostenrijk betrapt werd.
De fotograaf van een Grazer krant voorzien van een telelens schoot een hele serie van het nieuwe wapen. Het geheel werd nog pijnlijker
toen de Audi Sport leiding probeerde om de foto's voor elke prijs te kopen. De fotograaf zwichtte niet en de foto's verschenen
in alle autotijdschriften en kranten.
Terug naar de toekomst met een groep A
In 1987 stond HET audi Sport Team nog enkele malen aan de start met een groep A 200 turbo. Het Team bestond nunog alleen uit
de combinaties Mikkola-Hertz en Rörhl-Geistdörfer. Rörhl reed dit jaar voor het laatst in het WK-Rally's. Als enige van het team starten
de equipe Rörhl-Geistdörfer om vervolgens derde (!) te worden achter de Lancia's. De overwinning van deze Lancia's stond enige tijd zelfs
onder discussie omdat zei door de concurrenten van illegale praktijken werden beschuldigd. Alhoewel ze niet schuldig werden bevonden blijft
deze overwinning er eentje met een bijsmaak. Rörhl stopte dit jaar als actieve rally-coureur, maar sloot zijn carière glansrijk af door met
een door-ontwikkelde versie van de 'S1' de heuvelklim op Pike's Peak in Noord-Amerika te rijden. Die won hij met een recordtijd!
Mikkola reed nog met weinig resultaat de 1000 Meren rally in Finland en zou ook nog deelnemen aan de Safari rally.
De laatste (rally-) overwinning
Mikkola's laatste jaar bij Audi was er een met een bijzonder hoogtepunt. Het team Mikkola - Herz won de loodzware Safari Rally met op de
tweede plaats gevolgd door Röhrl - Geistdörfer. Een afsluiting zoals het hoort .. winnend!